De Brabantse munt te Antwerpen

De munt te Antwerpen (in het Frans Anvers) was ťťn van de belangrijkste muntplaatsen in de toenmalige zuidelijke Nederlanden. De eerste muntslag is reeds begonnen in de Merovingische tijd (ca. 7e eeuw). In de middeleeuwen zijn er aanzienlijke hoeveelheden munten geslagen door de diverse elkaar opvolgende Brabantse hertogen. Halverwege de 15e eeuw kwam de Antwerpse bloei op zijn hoogtepunt toen Brabant de plaats innam van Vlaanderen als centrum van de economie en handel. Dit kwam doordat de stad Brugge (in Vlaanderen) steeds moeilijker bereikbaar werd voor de scheepvaart door het dichtslibben van het Zwin. Tevens ging de lakenindustrie in Vlaanderen achteruit omdat de Engelsen zelf laken gingen vervaardigen en dit vooral naar Brabant exporteerden.

Toen de opstand tegen Philips II in de noordelijke Nederlanden begon brak er voor Antwerpen ook een andere tijd aan. De Spaanse troepen die in de Nederlanden gelegerd waren sloegen steeds vaker aan het muiten en plunderen omdat hun soldij vaak maanden niet betaald werd. De stad Antwerpen werd zelf ook slachtoffer van zo'n plundering door Spaanse troepen. Zelfs voor de koningsgetrouwe zuidelijke gewesten was nu de maat vol en verbonden zij zich in 1576 middels de pacificatie van Gent met de noordelijke Nederlanden om de Spaanse troepen het land uit te werken. Vanaf die tijd was Antwerpen voor de opstandige gewesten een belangrijk bolwerk tegen de Spanjaarden. In 1585 werd Antwerpen echter na felle strijd veroverd door de Spaanse legeraanvoerder Parma. Dit betekende voor Antwerpen het einde van haar economische bloei. Honderden mensen trokken weg uit Antwerpen naar het noorden en de Schelde werd door het leger van Oranje afgesloten zodat geen schip Antwerpen meer kon bereiken. De muntslag te Antwerpen bleef echter tot in de 18e eeuw nog zeer omvangrijk. De munt werd in 1758 gesloten toen door centralisering van de muntslag werd besloten om alleen nog in Brussel munten te slaan voor de zuidelijke Nederlanden.

MUNTMEESTERS:
VAN  -  TOT:
Thomas Jonghelinck
Pieter van den Walle
Jean Noirot
Adriaen Noirot
Jacob van Voeren
Jean Noirot
Floris Florisz.
Gertrude Sengers
Jacob Walraven
Pieter Baseliers
Gertrude Sengers
Pieter Zinck
Jan Vets
Adelheid Pauwels
Cornelis de Letter
Dominique Wouters
Jeanne van Liebeke
Jan van Liebeke
Jan Emonts
Willem Jansz. Emonts
Arthur Emonts
Hieronymus Verdussen
Maarten Cambier
Simon Cambier
Gillis v/d Heyden
Leonard Damery
Gilbert Clenaerts
Caspar Antheunis
George de Bruyn
George de Roovere
Pieter van Vreeckem
Marc Tserstevens
Jean Sneyers sr.
Jean Sneyers jr.
Jean v/d Borcht
Jean van Hullegarde
Jean Buyssen
Thomas v/d Motten
1542 - 1548
1548 - 1552
1552 - 1555
1555 - 1560
1560 - 1561
1562 - 1572
1572 - 1579
1579 - 1581
1581
1581 - 1585
1585 - 1586
1587 - 1593
1594 - 1598
1598 - 1600
1600 - 1606
1607 - 1619
1619 - 1620
1619 - 1624
1624 - 1627
1627 - 1628
1627 - 1629
1627 - 1636
1630 - 1636
1636 - 1638
1638 - 1639
1639 - 1641
1641 - 1642
1642 - 1657
1657 - 1682
1682 - 1691
1691 - 1696
1697 - 1701
1702 - 1720
1724 - 1728
1724 - ?
1744 - 1745
1749 - 1752
1752 - 1758


Muntmeesters Jean Noirot was waarschijnlijk dezelfde die tijdelijk muntmeester was in 1580 te Zeeland. Hij vluchtte in 1572 uit Antwerpen vanwege fraude. Floris Florisz. was voordat hij naar Antwerpen ging muntmeester van Overijssel en Utrecht. Gertrude Sengers (ook wel Sangers genoemd) was mogelijk de echtgenote van Willem Senger. Deze Willem was in 1565 muntmeester van graaf Willem van den Bergh te 's-Heerenberg1.
 

STEMPELSNIJDERS:
 
VAN  -  TOT:
 
Jeronimus van den Manacker 15?? - 15??

 

ESSAYEURS:
 
VAN  -  TOT:
 
Peeter Clenaerts 16?? - 16??


Muntteken

Het muntteken van de Antwerpse munt is de afbeelding van een handje, dit handje is afkomstig uit het wapen van de stad Antwerpen. In 1474 werd dit teken ingevoerd als muntmeesterteken maar bleef in gebruik als muntteken.

De afbeelding van het handje komt niet alleen op munten voor. Ook muntgewichten en bakjes van pijlgewichten dragen dit herkenningsteken van Antwerpen.


De munten van Karel V (1506-1555)

Op de koperen korten van Karel V staat een klauwende leeuw naar links (1) afgebeeld. Het uitgebreide wapenschild van Karel V komt niet voor op het koperen kleingeld.
 

Ondanks dat Karel V op 25 oktober 1555 het gezag aan zijn zoon Philips II overdroeg zijn er te Antwerpen (en ook te Maastricht) nog korten geslagen met zijn naam en beeltenis die het jaartal 1556 dragen.


ANT.1: korte.(GH.198)

VOORZIJDE: Gekroond borstbeeld van Karel V naar rechts.

TEKST: CA. D.G.V. IMP. HISP. REX. (handje) (jaar) De tekst is voluit: Carolus V Dei gratia imperi Hispaniarum rex, en betekent: keizer Karel V, bij Gods gratie koning van Spanje.

KEERZIJDE: Klauwende leeuw naar links binnen een cirkelvormige versiering.
 

Muntmeester: Thomas Jonghelinck.

     ZJ
    1543
    1544
    1545
    1546
    1547
    1548

Muntmeester: Pieter van den Walle.

    1549
    1551
    1552

Muntmeester: Jean Noirot.

    1553
    1554
    1555

Muntmeester: Adriaen Noirot.

    1556



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: 1: Met volledig jaartal.
    2: Met afgekort jaartal.


Info:

Variant 1 (1549), particuliere collectie.
Variant 2 (1549), particuliere collectie.

De koperen korte was bij ordonnantie van 7 april 1543 ingevoerd. De exemplaren met het muntteken ster, lelie en Gelders kruisje zijn geslagen te Maastricht, Vlaanderen en Nijmegen. Op de Antwerpse exemplaren staat het muntteken handje. Het herkennen van het juiste munthuis kan problemen geven bij gesleten exemplaren. Van deze muntjes gingen er 128 in een mark werks wat een gewicht van 1,92 gram moest opleveren.



De munten van Philips II (1555-1598)

Op 25 oktober 1555 nam Philips II het gezag over van zijn vader, koning/keizer Karel V. Het wapen dat Philips op de koperen munten van Antwerpen gebruikte is een gekroond Oostenrijks-Bourgondisch wapenschild verdeeld in meerdere kwartieren.

1 = Wapen van Oostenrijk (in rood een zilveren dwarsbalk).
2 = Wapen van nieuw BourgondiŽ (blauw bezaaid met gouden lelies).
3 = Wapen van oud BourgondiŽ (geschuinbalkt van goud en blauw, rood omzoomd).
4 = Wapen van Brabant (in zwart een gouden leeuw, rood getongd).
5 = Wapen van Vlaanderen (in goud een zwarte leeuw, rood getongd).


ANT.1A: biljoen duit.(GH.227-1)

VOORZIJDE: Een scheef geplaatst stokken kruis welke door een vuurijzer heen gestoken is, van het vuurijzer springen vonken.

TEKST: (Handje) PHS. D:G. HISP. Z. REX. D. B (of variant). De tekst is voluit: Philippus Dei gratia Hispaniarum z rex dux Brabant, dit betekent: Philips, bij Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.

KEERZIJDE: Gekroond Oostenrijks-Bourgondisch wapenschild.

TEKST: DVS. MIHI. ADIVTOR (of variant), dit betekent: de Heer is mijn helper.
 

Muntmeester: Jean Noirot.

    ZJ
(Ca. 1558-72)


Info:

Deze duiten zijn geslagen met een laag zilvergehalte van 142/1000. Gewicht ca. 0,77 gram (320 uit een mark).




ANT.2: korte.(GH.229)

VOORZIJDE: Gekroond borstbeeld van Philips II naar rechts.

TEKST: PHS. D:G. HISP.Z.REX.D.B. (handje) (of variant). De tekst is voluit: Philipus Dei gratia Hispaniarum rex dux Brabant en betekent: Philips, bij Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.

KEERZIJDE: In het midden een kruis met daaromheen vier vuurijzers waar de vonken vanaf springen. Het geheel wordt omgeven door een bladerkrans.
 

Muntmeester: Adriaen Noirot.

    ZJ (Ca. 1560)


Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: PHS. D ( )P( )N. Z. REX. D. B( ) (handje)


Info:

Net als Karel V heeft ook Philips II korten aangemunt van zuiver koper met een gewicht van 1,92 gram wat later bij de Statenkorten verlaagd is naar 1,2 gram.



ANT.3: korte.(GH.231)

VOORZIJDE: Gekroond borstbeeld van Philips II naar rechts.

TEKST: PHS. D:G. HISP.REX.D.BR. (of variant) en handje onder borstbeeld. De tekst is voluit: Philipus Dei gratia Hispaniarum rex dux Brabant en betekent: Philips, bij Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.

KEERZIJDE: Gekroond Oostenrijks-Bourgondisch wapenschild.

TEKST: DOMINVS. MIHI. ADIVTOR (of variant). Dit betekent: de Heer is mijn helper.
 

Muntmeester: Floris Florisz.

    ZJ (Ca. 1575)


Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A:
(handje) PHS DG HISP REX D BR
    B:
(handje) PHS DG H (   )EX D BRA


KZ: a: DOMINVS MIHI ADIVTOR


Info:

De korte was een munt die een waarde had van 2 mijten. De mijt bestond er in twee soorten, de Vlaamse mijt van 1/48 stuiver en de Brabantse mijt van 1/72 stuiver. De eerste korten zijn geslagen in de 14e eeuw van biljoen (legering van zilver met veel koper). Net als Karel V heeft ook Philips II ze aangemunt van zuiver koper met een gewicht van 1,92 gram wat later bij de Statenkorten is verlaagd naar 1,2 gram.



ANT.4: dubbele korte.(GH.230)

VOORZIJDE: Borstbeeld van Philips II zonder kroon, naar rechts.

TEKST: PHS D:G HISP Z REX. D BRA. (of variant) en handje onder borstbeeld. De tekst is vol- uit: Philipus Dei gratia Hispaniarum rex dux Brabant en betekent: Philips, bij Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.

KEERZIJDE: Gekroond Oostenrijks-Bourgondisch wapenschild gelegen op een kruis.

TEKST: .DOMINVS. MIHI. ADIVTOR. (of variant). Dit betekent: de Heer is mijn helper.
 

Muntmeester: Floris Florisz.

    ZJ (Ca. 1575)


Info:

De dubbele korte werd geslagen met een gewicht van 3,84 gram (64 uit een mark).



De Statenmunten onder Philips II

De Staten van Brabant sloten zich aan bij het opstandige noorden middels de pacificatie van Gent en begonnen te Antwerpen Statenmunten te slaan met het devies PACE ET IUSTITIA (vrede en gerechtigheid). Deze munten zijn zonder jaartal geslagen tussen 1576 en 1581. Op de voorzijde staat gewoon het portret van Philips II met zijn naam en titels. In deze tijd vertrouwde men nog op de koning maar was de opstand meer gericht tegen zijn uitvoerders ter plaatse en tegen de muitende en plunderende Spaanse troepen.


ANT.5: Statenduit.(GH.253)

VOORZIJDE: Gekroond en versierd wapenschild van Oostenrijk-BourgondiŽ.

TEKST: PHS. D:G. HISP. Z. REX. DVX. BRA. (of variant). Dit is voluit: Philipus Dei gratia Hispaniarum z rex dux Brabant en betekent: Philips Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.

KEERZIJDE: Een scheef geplaatst stokken kruis welke door een vuurijzer heen gestoken is. Van het vuurijzer springen vonken af en eronder hangt een lammetje, dit is het teken van de orde van het gulden vlies. Boven het kruis is een kroontje geplaatst.

TEKST: (handje) PACE. ET. IVSTITIA. (of variant), dit betekent: vrede en gerechtigheid.
 

Muntmeester: Gertrude Sangers.

    ZJ (Ca. 1580)



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: PHS D:G HISP Z REX. DVX. BRA.


KZ: a: .PACE. ET. IVSTITIA (handje).


Info:

Variant Aa (zj), particuliere collectie.

Deze Statenduiten werden geslagen met een gewicht van ca. 3,62 gram (68 uit een mark).



ANT.6: Statenoord.(GH.252)

VOORZIJDE: Borstbeeld van Philips II zonder kroon, naar links of rechts.

TEKST: PHS. D:G. HISP. Z. REX. DVX. BRA (handje) (of variant). De tekst is voluit: Philipus Dei gratia Hispaniarum z rex dux Brabant en betekent: Philips Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild van Oostenrijk-BourgondiŽ. Om het wapen heen hangt de keten van de orde van het gulden vlies.

TEKST: PACE. ET. IVSTITIA. (of variant), dit betekent: vrede en gerechtigheid.
 

Muntmeester: Gertrude Sangers.

    ZJ (Ca. 1580)



Info:

Deze Statenoorden werden geslagen met een gewicht van ca. 7,24 gram (34 uit een mark).


Herstelde muntslag onder Philips II

Vanaf ca. 1583 begonnen er diverse Spaanse heroveringen onder leiding van de hertog van Parma. In 1584 werd Antwerpen heroverd en langzamerhand vielen de gehele zuidelijke Nederlanden weer in Spaanse handen. In het munthuis te Antwerpen werden daarna weer hertogelijke munten van Philips II geslagen.


ANT.7: hertogelijke duit (gigot).(GH.233)

VOORZIJDE: Borstbeeld van Philips II naar rechts zonder kroon.

TEKST: PHS. D:G. HIS. Z. REX. DVX. B. (of variant). Onder het borstbeeld staat het tot twee cijfers afgekorte jaartal, gesplitst door een handje. De tekst is voluit: Philipus Dei gratia Hispaniarum z rex dux Brabant, dit betekent: Philips, bij Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.

KEERZIJDE: Gekroond Oostenrijks-Bourgondisch wapenschild.

TEKST: DOMINVS. MIHI. ADIVTOR. (of variant), dit betekent: de Heer is mijn helper.
 

Muntmeester: Pieter Zinck.

    1587
    1589
    1590



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (cijfer)(handje)(cijfer) .PHS. D.G. HISP Z REX. DVX. BRA.


KZ: a: DOMINVS. MIHI. ADIVTOR (handje).


Info:

Variant Aa (1587), particuliere collectie.

Na de herovering van Antwerpen werden de munten weer geslagen volgens de muntvoet van de koning. Deze duiten werden geslagen met een gewicht van ca. 2,72 gram (90 uit een mark).



ANT.8: hertogelijk oord (liard). (GH.232)

VOORZIJDE: Gekroond borstbeeld van Philips II naar links.

TEKST: PHS. D.G. HIS. Z. REX. DVX. B. (of variant). Onder het borstbeeld staat het jaartal welke gesplitst is door een handje. De tekst is voluit: Philipus Dei gratia Hispaniarum z rex dux Brabant, dit betekent: Philips, bij Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.

KEERZIJDE: Gekroond Oostenrijks-Bourgondisch wapenschild.

TEKST: DOMINVS. MIHI. ADIVTOR (of variant), dit betekent: de Heer is mijn helper.
 

Muntmeester: Pieter Zinck.

    1587



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A:
15(handje)87 .PHS. D:G. HISP Z REX. DVX. BRA.
    B:
 8(handje)7 .PHS. D:G. HISP Z REX. DVX. BRA.


KZ: a: .DOMINVS. MIHI. ADIVTOR.
    b: .DOMINVS. MIHI. ADIVTOR (handje)



Info:

Variant Aa (1587), particuliere collectie.
Variant Bb ((15)87), particuliere collectie

Ook de oorden werden na de herovering van Antwerpen weer geslagen volgens de muntvoet van de koning. Gewicht ca. 5,44 gram (45 uit een mark).



ANT.9: Bourgondische duit.(GH.234)

VOORZIJDE: Een scheef geplaatst stokken kruis welke door een vuurijzer heen gestoken is. Van het vuurijzer springen vonken af en eronder hangt een lammetje, dit is het teken van de orde van het gulden vlies. Boven het kruis is een kroontje geplaatst en aan weerszijden van het kruis staat het jaartal.

TEKST: PHS. D:G. HISP. Z. REX. DVX. BRA. (handje) (of variant). De tekst is voluit: Philipus Dei gratia Hispaniarum z rex dux Brabant, dit betekent: Philips, bij Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.

KEERZIJDE: Gekroond Oostenrijks-Bourgondisch wapenschild.

TEKST: .DOMINVS. MIHI. ADIVTOR (handje) (of variant). Dit betekent: de Heer is mijn helper.
 

Muntmeester: Jan Vets.

    1596
    1597
    1598



Info:

Deze "Bourgondische" duiten werden net als de duiten met borstbeeld geslagen met een gewicht van 2,72 gram (90 uit een mark).


De munten van Albertus & Isabella (1598-1621)

Op zijn sterfbed had Philips II de Nederlanden aan zijn dochter Isabella geschonken die in het huwelijk zal treden met Albertus van Oostenrijk. Als hun huwelijk kinderloos zal blijven dan vervallen de Nederlanden na hun dood weer aan de Spaanse kroon. Isabella huwt te Ferrara (in ItaliŽ) met Albertus van Oostenrijk, en samen nemen zij de taak op zich om de Nederlanden te gaan besturen. Zij hopen ook het noorden voor zich te winnen maar de opstandige gewesten willen niets weten van een verzoening en dus gaat de oorlog ook onder Albertus & Isabella gewoon door.

Op de Antwerpse koperen munten van Albertus en Isabella komen 3 verschillende wapenschilden voor:
 

Wapen 1:

1 = Oostenrijk (in rood een zilveren dwarsbalk).
2 = BourgondiŽ (geschuinbalkt van goud en blauw, rood omzoomd).

Wapen 2:

1&2 als in wapen 1.
3 = Wapen van Brabant (in zwart een gouden leeuw, rood getongd).

Wapen 3:

1 = Hongarije (3 dwarsbalken).
2 = Bohemen (Leeuw).
3 = KastiliŽ (in rood een gouden kasteel, blauw gesloten en verlicht).
4 = Leůn (in zilver een goud gekroonde rode leeuw).
5 = SiciliŽ (schuingevierendeeld van Aragon en Hohenstaufen, in zilver een zwarte adelaar).
6 = Portugal (5 blauwe schildjes in een rand van 7 gouden kasteeltjes).
7 = Oostenrijk (in rood een zilveren dwarsbalk).
8 = Oud BourgondiŽ (geschuinbalkt van goud en blauw en rood omzoomd).
9 = Nieuw BourgondiŽ (blauw bezaaid met gouden lelies, een schildzoom geblokt van rood en zilver).
10 = Brabant (in zwart een gouden leeuw, rood getongd).
11 = Vlaanderen (in goud een zwarte leeuw, rood getongd).
12 = Tirol (in zilver een rode adelaar).


ANT.10: denier.(GH.303 - AvK.31/32)

VOORZIJDE: Gekroonde letters AE van Albertus & Elisabeth.

TEKST: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET. D:G. (of variant). Dit is voluit: Albertus et Elisabeth Dei gratia en betekent: Albertus en Elisabeth, bij Gods gratie (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild (1) vertikaal gedeeld, het wapenschild is gelegen op een schuin geplaatst stokkenkruis.

TEKST: .ARCH. AVST. DVC. BVRG. ET. BRA.(handje). (of variant). Dit is voluit: Archiduces Austria duces Burgundie et Brabant en betekent: aartshertogen van Oostenrijk en hertogen van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Cornelis de Letter.

    1606


Muntmeester: Dominique Wouters.

    1607



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET. D:G.
    B: .ALBERTVS. ET. ELISABET. D:G (handje)

    1:
Jaartal op de voorzijde naast de letters AE.
    2: Jaartal op de keerzijde naast het wapenschild.


KZ: a: ... (handje). ARCH. AVST. DVC. BVRG. ET. BRA:
    b: ..ARCH. AVST. DVC. BVRG. ET. BRA (handje)
    c: .ARCH. AVST. DVC. BVRG. ET. BRA (handje)
    d: ... ARCH. AVST. DVC. BVRG. ET. BRA (handje)



Info:

Variant A1d (1607), particuliere collectie.

Een denier was een muntje met een waarde van een derde oord. Het voorschrift was 192 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 1,28 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 1 april 1606 tot 7 september 1607 ca. 68.976 stuks.
Periode 7 september 1607 tot 4 september 1609 ca. 36.136 stuks.

Er bestaan 1/3 oortjes van Luik die erg veel op deze muntjes lijken. Het monogram bestaat dan echter niet uit de letters AE maar uit FB (van Ferdinand van Beieren).



ANT.11: gigot (duit).(GH.300 - AvK.26/27)

VOORZIJDE: Gekroond wapenschild (2)
met meerdere kwartieren.

TEKST: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET. D:G. (of variant). Dit is voluit: Albertus et Elisabeth Dei gratia en betekent: Albertus en Elisabeth, bij Gods gratie (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Schuin geplaatst stokkenkruis welke door een vuurijzer is heen gestoken. Aan het vuurijzer hangt de keten van de orde van het gulden vlies.

TEKST: (handje) ARCHID. AVST. DVC. BVRG. ET. B (of variant). Dit is voluit: Archiduces Austria duces Burgundie et Brabant en betekent: aartshertogen van Oostenrijk en hertogen van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Dominique Wouters.

    1608      1616
    1609      1618
    1615      1619



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET. D:G.
    B: .(handje) ALBERTVS. ET. ELISABET D:G.
    C: ..(handje) ALBERTVS. ET. ELISABET. D G.
    D: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET. D G
    E: (handje) ALBERTVS ET ELISABET D G


KZ: a: (handje) ARCHID. AVST. DVC. BVRG. ET. B
    b: (handje) ARCHID. AVST. DVC. BVRG. ET. B. B.
    c: (handje) ARCHID. AVST. DVC. BVRG. ET. B. Z
    d: ARCHID. AVST. DVC. BVRG. B



Info:

Variant Aa (1608), particuliere collectie.

Geslagen volgens de nieuwe muntvoet die sinds 1606 gold. Voorschrift 128 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 1,92 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 7 september 1607 tot 4 september 1609 ca. 1.394.790 stuks.
Periode 1 april 1615 tot 11 april 1616 ca. 3.777.776 stuks.
Periode 11 april 1616 tot 31 maart 1617 ca. 252.864 stuks.



ANT.12: dubbele denier.(GH.299 - AvK.25)

VOORZIJDE: Gekroonde letters AE van Albertus & Elisabeth.

TEKST: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET. D:G. (of variant). Dit is voluit: Albertus et Elisabeth Dei gratia en betekent: Albertus en Elisabeth, bij Gods gratie (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild (1) vertikaal gedeeld, het wapenschild is gelegen op een schuin geplaatst stokkenkruis.

TEKST: .ARCH. AVST. DVC. BVRG. ET. BRA (handje) (of variant). Dit is voluit: Archiduces Austria duces Burgundie et Brabant en betekent: aartshertogen van Oostenrijk en hertogen van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Cornelis de Letter.

    1606


Muntmeester: Dominique Wouters.

    1607



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET. D:G.
    B: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET D:G


KZ: a: .ARCH. AVST. DVC. BVRG. ET. BRA (handje)
    b:  ARCH. AVST. DVC. BVRG. ET. BRA (handje)
    c: .ARCH. AVST. DVC. BVRG. ET. BRA (handje)..



Info:

Variant Ab (1607), particuliere collectie.

Een dubbele denier was een muntje met een waarde van twee derde oord. Het voorschrift was 96 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 2,56 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 1 april 1606 tot 7 september 1607 ca. 2.169.192 stuks.
Periode 7 september 1607 tot 4 september 1609 ca. 522.160 stuks.



ANT.13: liard (oord).(GH.296 - AvK.20)

VOORZIJDE: Gekroonde wapenschild (3)
met meerdere kwartieren.

TEKST: (handje).ALBERTVS. ET. ELISABET. DEI:GRATIA. (of variant). Dit betekent: Albertus en Elisabeth, bij Gods gratie (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond vuurijzer omgeven door 3 wapenschildjes.

TEKST: (handje) ARCHIDVCES. AVST. DVCES. BVRG ET B (of variant). Dit is voluit: Archiduces Austria duces Burgundie et Brabant en betekent: aartshertogen van Oostenrijk en hertogen van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Dominique Wouters.

    1608      1611
    1609      1617
    1610



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje).ALBERTVS. ET. ELISABET. DEI:GRATIA.
    B: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET DEI. GRATIA
    C: (handje) ALBERTVS. ET. ELISABET. DEI GRATIA


KZ: a: (handje) ARCHIDVCES. AVST. DVCES. BVRG. ET. B



Info:

Variant Ba (1608), particuliere collectie.
Variant Ba (1610), particuliere collectie.
Variant Ca (1611), particuliere collectie.

1608 particuliere collectie
1609 vermeld blz.152 jaarboek 1987 EGMP
1610 particuliere collectie
1611 particuliere collectie
1617

Geslagen volgens de nieuwe muntvoet die sinds 1606 gold. Voorschrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 7 september 1607 tot 4 september 1609 ca. 1.695.684 stuks.
Periode 4 september 1609 tot 4 maart 1611 ca. 5.917.592 stuks.


De munten van Philips IV (1621-1665)

Omdat aartshertog Albertus in 1621 kinderloos komt te overlijden vervallen de zuidelijke Nederlanden weer aan de Spaanse troon. Isabella bleef nog wel tot haar dood regentes. Op de munten verschijnt nu het portret en het wapen van de Spaanse koning Philips IV.

Op de Antwerpse koperen munten van Philips IV verschijnen 2 types wapenschilden:
 

Wapen 1:

1 = Oostenrijk (in rood een zilveren dwarsbalk).
2 = Oud BourgondiŽ (geschuinbalkt van goud en blauw en rood omzoomd).
3 = Wapen van Brabant (In zwart een gouden leeuw, rood getongd).
 

Wapen 2:

1 = CastiliŽ (Kasteel).
2 = Leon (Leeuw met gouden kroon).
3 = Aragon (4 rode palen).
4 = SiciliŽ (Bestaat uit de 4 rode palen van Aragon en de adelaar van Hohenstaufen).
5 = Portugal (5 blauwe schildjes in een rand van 7 gouden kasteeltjes).
6 = Oostenrijk (Zilveren faas).
7 = BourgondiŽ (3 schuine balken in blauw en goud).
8 = Valois (3 Lelies).
9 = Brabant (Gouden leeuw).
10 = Vlaanderen (Zwarte leeuw).
11 = Tirol (Rode adelaar).


ANT.14: gigot (duit).(GH.338 - AvK.74)

VOORZIJDE: Schuin geplaatst stokkenkruis welke door een gekroond vuurijzer is heen gestoken. Aan het vuurijzer hangt de keten van de orde van het gulden vlies.

TEKST: (handje) PHIL. IIII. D.G. HISP. ET. INDIAR. REX. (of variant). Dit is voluit: Philippus IIII Dei gratia Hispaniarum et Indiarum rex, en betekent: Philips IIII, bij Gods gratie koning van Spanje en de IndiŽn (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild (1) met
meerdere kwartieren.

TEKST: .ARCHID. AVS. BVRG. BRAB. Zc (of variant). Dit is voluit: archidux Austria Burgundie Brabant z c: aartshertog van Oostenrijk-BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Jan Emonts.

    1626


Muntmeester: Hieronymus Verdussen.

    1628


Muntmeester: Caspar Antheunis.

    1650
    1654
    1656



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) PHIL. IIII. D. G. HISP. ET. INDIAR. REX.


KZ: a: .ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB. Zc.
    b: .ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB. Zc



Info:

Voorschrift 128 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 1,92 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 17 december 1625 tot 31 maart 1627 ca. 480.000 stuks.
Periode 16 juli 1650 tot 19 mei 1651 ca. 64.992 stuks.
Periode 27 november 1653 tot 6 oktober 1654 ca. 33.728 stuks.
Periode 8 maart 1656 tot 30 november 1656 ca. 59.576 stuks.



ANT.15: liard (oord).(GH.336 - AvK.71)

VOORZIJDE: Gekroond vuurijzer omgeven door 3 wapenschildjes. Links Oostenrijk, rechts BourgondiŽ en onder Brabant.

TEKST: (handje) .PHIL. IIII. D.G. HISP. ET INDIAR. REX. (of variant). Dit is voluit: Philippus IIII Dei gratia Hispaniarum et Indiarum rex, en betekent: Philips IIII, bij Gods gratie koning van Spanje en de IndiŽn (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild (2)
met meerdere kwartieren.

TEKST: .ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB. Zc. (of variant). Dit is voluit: Archidux Austria dux Burgundie Brabant Z c, en betekent: aartshertog van Oostenrijk, hertog van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Caspar Antheunis.

          1643      1653
    1650      1654
    1652      1656



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) PHIL. IIII. D. G. HISP. ET. INDIAR. REX.


KZ: a: .ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB. Zc.
    b: .ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB. Zc



Info:

Voorschrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 19 april 1642 tot 30 september 1644 ca. 1.720.792 stuks.
Periode 16 juli 1650 tot 19 mei 1651 ca. 201.728 stuks.
Periode 28 februari 1652 tot 31 december 1652 ca. 519.384 stuks.
Periode 27 november 1653 tot 6 oktober 1654 ca. 695.748 stuks.
Periode 8 maart 1656 tot 30 november 1656 ca. 510.992 stuks.



ANT.16: liard (oord).(GH.336.1b - AvK.75)

VOORZIJDE: Gekroond vuurijzer omgeven door 3 wapenschildjes. Links BourgondiŽ, rechts Brabant en onder Breda.

TEKST: (handje) .PHIL. IIII. D.G. HISP. ET INDIAR. REX. (of variant). Dit is voluit: Philippus IIII Dei gratia Hispaniarum et Indiarum rex, en betekent: Philips IIII, bij Gods gratie koning van Spanje en de IndiŽn (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild (2) met
meerdere kwartieren.

TEKST: .ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB. Zc. (of variant). Dit is voluit: Archidux Austria dux Burgundie Brabant Z c, en betekent: aartshertog van Oostenrijk, hertog van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Jan Emonts.

    1626



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) PHIL. IIII. D. G. HISP. ET. INDIAR. REX.


KZ: a: .ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB. Zc.



Info:

Voorschrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 17 december 1625 tot 31 maart 1627 ca. 240.000 stuks.

Deze oorden, met op de voorzijde het wapenschildje van Breda i.p.v.. dat van Oostenrijk, waren speciaal geslagen om naar de stad Breda te worden vervoerd. Ook de duiten van 1626 waren bestemd voor Breda maar deze vertonen geen afwijkingen ten opzichte van de andere Brabantse (Antwerpse) duiten.


De munten van Karel II (1665-1700)

Karel II volgde op 4 jarige leeftijd zijn vader Philips IV op. Het regentschap tot zijn meerderjarigheid in 1676 wordt waargenomen door zijn moeder, Maria Anna van Oostenrijk. Onder Karel II werden op de koperen munten van Antwerpen dezelfde wapenschilden als van zijn voorganger Philips IV gebruikt (zie voor afbeelding en verklaring de wapens bij Philips IV).


ANT.17: gigot (duit).(GH.357 - AvK.117)

VOORZIJDE: Schuin geplaatst stokkenkruis welke door een gekroond vuurijzer is heen gestoken, aan weerszijden het jaartal. Aan het vuurijzer hangt de keten van de orde van het gulden vlies.

TEKST: (handje) .CAROL II. DG. HISP. ET. INDIAR REX. (of variant). Dit is voluit: Carolus II Dei gratia Hispaniarum et Indiarum rex, en betekent: Karel II, bij Gods gratie koning van Spanje en de IndiŽn (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild
met meerdere kwartieren.

TEKST: ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB c (of variant). Dit is voluit: Archidux Austria Burgundie Brabant, en betekent: aartshertog van Oostenrijk, hertog van BourgondiŽ en Brabant.

Muntmeester: George de Bruyn.

    1681


Muntmeester: George de Roovere.

    1685
    1686



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) .CAROL. II. D. G. HISP. ET. INDIAR. REX.


KZ: a: ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB Zc


Info:

Voorschrift 128 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 1,92 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 23 december 1680 tot 4 april 1682 ca. 7.360 stuks.
Periode 30 juni 1684 tot 19 oktober 1685 ca. 32.000 stuks.
Periode 27 oktober 1685 tot 9 september 1690 ca. 6.400 stuks.



ANT.18: gigot (duit).(GH.356 - AvK.119)

VOORZIJDE: Schuin geplaatst stokkenkruis welke door een gekroond vuurijzer is heen gestoken. Aan het vuurijzer hangt de keten van de orde van het gulden vlies.

TEKST: (handje) CAR - OL. II. D.G - HISP. ET - INDIARVM - REX (of variant). Dit is voluit: Carolus II Dei gratia Hispaniarum et Indiarum rex, en betekent: Karel II, bij Gods gratie koning van Spanje en de IndiŽn (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild
met meerdere kwartieren, het jaartal boven de kroon.

TEKST: ARCHID AVST. DVX. BVRG. BRAB (of variant). Dit is voluit: archidux Austria dux Burgundie Brabant z, dit betekent: aartshertog van Oostenrijk, hertog van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Pieter van Vreeckem.

    1696


Muntmeester: Marc Tserstevens.

    1700



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) CAR - OL. II. D. G. - HISP. ET - INDIARVM - REX
    B: (handje) CAR - OL. II. D. G. - HISP. ET - INDIARVM - REX
    c: (handje) CAR - OL. II. D. G. - HISP. ET. - INDIARVM - REX


KZ: a: ARCHID AVST. DVX. BVRG. BRAB Z
    b: .ARCHID. AVST. DVX. BVRG. BRAB. Z



Info:

Voorschrift 128 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 1,92 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 10 januari 1692 tot 25 april 1696 ca. 116.864 stuks.
Periode 15 mei 1699 tot 25 november 1700 ca. 590.848 stuks.



ANT.19: liard (oord).(GH.357 - AvK.112)

VOORZIJDE: Gekroond vuurijzer omgeven door 3 wapenschildjes. Links Oostenrijk, rechts BourgondiŽ en onder Brabant.

TEKST: (handje) .CAROL. II. D.G. HISP. ET. INDIAR. REX. (of variant). Dit is voluit: Carolus II Dei gratia Hispaniarum et Indiarum rex, en betekent: Karel II, bij Gods gratie koning van Spanje en de IndiŽn (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild
met meerdere kwartieren, aan weerszijden van het wapen het jaartal.

TEKST: .ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB. Z. (of variant). Dit is voluit: archidux Austria dux Burgundie Brabant Z, en betekent: aartshertog van Oostenrijk, hertog van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: George de Bruyn.

    1679
    1680


Muntmeester: George de Roovere.

       1683
   1685



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) .CAROL. II. D. G. HISP. ET. INDIAR REX.
    B: (handje) .CAROL. II. D. G. HISP. ET. INDIAR. REX.


KZ: a: .ARCHID. AVS. DVX. BVRG. BRAB. Z
    b: ARCHID. AVS. DVX. B(kopstaande V)RG. BR(kopstaande V)B Zc
    c: ARCHID. AVST. DVX. BVRG. BRAB. Zc



Info:

Voorschrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 22 maart 1679 tot 8 november 1680 ca. 178.400 stuks.
Periode 23 december 1680 tot 4 april 1682 ca. 8.896 stuks.
Periode 30 juni 1684 tot 19 oktober 1685 ca. 500.480 stuks.



ANT.20: liard (oord).(GH.356 - AvK.116)

VOORZIJDE: Gekroond vuurijzer omgeven door 3 wapenschildjes. Links Oostenrijk, rechts BourgondiŽ en onder Brabant.

TEKST: (handje) CAROL. II. D.G. HISP. ET. INDIARVM. REX (of variant). Dit is voluit: Carolus II Dei gratia Hispaniarum et Indiarum rex, en betekent: Karel II, bij Gods gratie koning van Spanje en de IndiŽn (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond wapenschild
met meerdere kwartieren, aan weerszijden van de kroon het jaartal.

TEKST: ARCHID AVST. DVX. BVRG. BRAB (of variant). Dit is voluit: archidux Austria dux Burgundie Brabant Z, en betekent: aartshertog van Oostenrijk, hertog van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Pieter van Vreeckem.

    1691      1695
    1692      1696
    1693



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: (handje) CAROL. II. D. G. HISP. ET. INDIARVM. REX


KZ: a: ARCHID AVST. DVX. BVRG. BRAB Z



Info:

Voorschrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk.

Geslagen aantallen:

Periode 10 januari 1692 tot 25 april 1696 ca. 6.167.296 stuks.


De munten van Karel VI (1711-1740)

Na het kinderloos overlijden van de Spaanse koning Karel II op 1 november 1700, brak er onenigheid uit over de bezittingen van het Spaanse rijk en dus ook over de zuidelijke Nederlanden. Karel II had Philips van Anjou, 2e kleinzoon van Lodewijk XIV van Frankrijk, per testament zijn gehele rijk nagelaten. Philips van Anjou werd zo koning Philips V van Spanje. De republiek, Engeland en de Duitse keizer waren het met deze gang van zaken niet eens en dit ontaarde in de Spaanse successie oorlog die 10 jaar duurde omdat geen van alle partijen elkaar kon uitschakelen. Tijdens de vrede van Utrecht in 1713 werd uiteindelijk overeengekomen dat Philips V koning van Spanje bleef en dat de Oostenrijkse pretendent Karel III (sinds 12 oktober 1711 keizer Karel VI van Duitsland) de soevereiniteit over de zuidelijke Nederlanden kreeg. Op de koperen munten van Karel VI staan geen wapens afgebeeld maar een gekroond monogram van 3 maal de letter C.


ANT.21: liard (oord).(dM.1 - AvK.155)

VOORZIJDE: Borstbeeld van Karel VI naar links, met daaronder een handje.

TEKST: CAROLVS VI D:G: - ROM: IMP: HISP: REX. (of variant). Dit is voluit: Carolus VI Dei gratia Romanorum Imperator Hispaniarum rex, en betekent: Karel VI, bij Gods gratie Duits keizer en koning van Spanje (de tekst gaat op de keerzijde verder).

KEERZIJDE: Gekroond monogram van drie maal de letter C, boven de kroon het jaar.

TEKST: .ARCHID. AVST. DVX. BVRG. BRABANT. Zc. (of variant). Dit is voluit: archidux Austria dux Burgundie Brabant Zc, en betekent: aartshertog van Oostenrijk, hertog van BourgondiŽ en Brabant.
 

Muntmeester: Jean Sneyers Sr.

    1712      1715
    1713      1716

          1714

Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: CAROLVS VI D:G: - ROM: IMP: HISP: REX.


KZ: a: .ARCHID. AVST. DVX. BVRG. BRABANT. Zc.


Info:

Variant Aa (1712), particuliere collectie.
Variant Aa (1714), particuliere collectie.
Variant Aa (1716), particuliere collectie.


Voorschrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk. 

Geslagen aantallen: 

Periode 30 april 1712 tot 17 december 1712 ca. 3.084.672 stuks.
Periode 9 oktober 1717 tot 1 juli 1720 ca. 80.256 stuks.

Veel van deze munten zijn overslagen op oorden van Karel II of op oorden van Luik. Recent is een exemplaar opgedoken welke alleen maar een 1716 kan zijn, dit jaartal was voordien onbekend. Er zouden van 9 oktober 1717 tot 1 juli 1720 ook nog oorden zijn geslagen maar deze zijn tot nu nog niet opgedoken. Mogelijk is er in deze jaren met geantedateerde stempels van 1716 gewerkt. Op 17 juni 1712 vaardigden de Staten-Generaal een plakkaat af tegen het uitgeven van Brabantse en Vlaamse oorden. Hier zullen wel de oorden van dit type mee zijn bedoeld.


De munten van Maria Theresia (1740-1780)

Maria Theresia werd in 1717 geboren en huwde in 1736 met Frans van Lotharingen. Na de dood van haar vader, Karel VI, brak er wederom onenigheid uit over het bezit van de Oostenrijkse erflanden en de zuidelijke Nederlanden. Maria Theresia volgde haar vader op maar vertrouwde de administratie over de Nederlanden toe aan haar zuster Anna en haar echtgenoot Karel, hertog van Lotharingen. Pruisen, Beieren, Frankrijk en Spanje betwisten echter haar erfenis en de Oostenrijkse successieoorlog brak uit (1740-1748). Hierdoor verkreeg haar echtgenoot pas in 1745 de titel van keizer van Oostenrijk. Frankrijk viel in 1745 de zuidelijke Nederlanden binnen maar moest deze, toen uiteindelijk de vrede werd getekend, toch weer afstaan aan Maria Theresia (verdrag van Aken op 13 oktober 1746). De koperen munten van Maria Theresia hebben net als die van Karel VI geen wapen. Op de keerzijde staat i.p.v. een wapen de tekst AD USUM BELGII AUSTR. (voor gebruik in de Oostenrijkse Nederlanden).


ANT.22: liard (oord).(AvK.209)

VOORZIJDE: Borstbeeld van Maria Theresia naar rechts.

TEKST: MAR. TH. D:G. HUNG. BOH. - R. AR. AUS. D. BURG. (of variant). Dit is voluit: Maria Theresia Dei gratia Hungaria Bohemia regina archidux Austria dux Burgundie, en betekent: Maria Theresia, bij Gods gratie koningin van Hongarije en Bohemen, Aartshertogin van Oostenrijk en hertogin van BourgondiŽ.

KEERZIJDE: AD / USUM / BELGII / AUSTR. / jaar. / (handje) Dit betekent: voor gebruik in de Oostenrijkse Nederlanden.
 

Muntmeester: Jean van Hullegarde.

    1744
    1745/44
    1745



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: MAR. TH. D:G. HUNG. BOH. - R. AR. AUS. D. BURG.


KZ: a: AD / USUM / BELGII / AUSTR. / jaar. / (handje)



Info:

Variant Aa (1745/44), particuliere collectie.
Variant Aa (17
45), particuliere collectie.

Voors
chrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk.

Geslagen aantallen van de jaren 1744 en 1745 is totaal ca. 5.686.868 stuks.

Bij deze munten valt op dat de letter U als U geschreven wordt en niet meer als V.



ANT.23: liard (oord).(AvK.212)

VOORZIJDE: Borstbeeld van Maria Theresia naar rechts met halssnoer om en oorbel in.

TEKST: M. T. D.G. R. JMP. G. H. - B. REG. A. A. D. BURG. (of variant). Dit is voluit: Maria Theresia Dei gratia Romanorum imperatrix Germania, Hungaria Bohemia regina, archidux Austria, dux Burgundie, en betekent: Maria Theresia, bij Gods gratie Rooms keizerin, koningin van Duitsland, Hongarije en Bohemen, Aartshertogin van Oostenrijk en hertogin van BourgondiŽ.

KEERZIJDE: AD / USUM / BELGII / AUSTR. / jaar. / (handje) Dit betekent: voor gebruik in de Oostenrijkse Nederlanden.
 

Muntmeester: Jean Buysen.

    1749      1751
    1750      1752



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: M. T. D:G. R. JMP. G. H. - B. REG. A. A. D. BURG.
    B: M. T. D.G. R. JMP. G. H. - B. REG. A. A. D. BURG.


KZ: a: AD / USUM / BELGII / . / AUSTR. / jaar. / (handje)



Info:

Variant
Ba (1750), particuliere collectie.

Voorsc
hrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk.

Geslagen aantallen van de jaren 1749 t/m 1752 is totaal ca. 6.987.992 stuks.

Bij deze munten valt het op dat de letter U als U geschreven wordt en niet meer als V. Verder begint de afkorting IMP niet met een I maar met een J. Op 17 april 1752 vaardigden de Staten-Generaal een plakkaat uit waarin de zogenaamde Brabantse "Koninginne oortjes" in Staats Vlaanderen niet meer gangbaar werden verklaard voor 2 duiten maar slechts voor 1 duit.



ANT.24: dubbelle liard (dubbel oord).(AvK.211)

VOORZIJDE: Borstbeeld van Maria Theresia naar rechts met halssnoer om en oorbel in.

TEKST: M. T. D.G. R. JMP. G. H. B. REG. A. A. D. BURG. (of variant). Dit is voluit: Maria Theresia Dei gratia Romanorum imperatrix, Germania, Hungaria, Bohemia regina, archidux Austria, dux Burgundie, en betekent: Maria Theresia, bij Gods gratie Rooms keizerin, koningin van Duitsland, Hongarije en Bohemen, Aartshertogin van Oostenrijk en hertogin van BourgondiŽ.

KEERZIJDE: AD / USUM / BELGII / AUSTR. / jaar. / (handje) binnen een takkenversiering. Dit betekent: voor gebruik in de Oostenrijkse Nederlanden.
 

Muntmeester: Jean Buysen.

    1749
    1750/49
    1750
    1751
    1752


Muntmeester: Thomas v/d Motten.

    1753



Voorkomende voor- en keerzijde varianten:

VZ: A: M. T. D:G. R. JMP. G. H. B. REG. A. A. D. BURG.
    B: M. T. D.G. R. JMP. G. H. B. REG. A. A. D. BURG.


KZ: a: AD / USUM / BELGII / AUSTR. / jaar. / (handje)



Info:

Variant Ba (1749), particuliere collectie.
Variant Ba (1750/49), particuliere collectie.

Voorschrift 32 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 7,69 gram per stuk.

Geslagen aantallen van de jaren 1749 t/m 1752 is totaal ca. 2.473.356 stuks.
In 1753 zijn ca. 139.556 stuks geslagen en in 1754 zijn er ca. 47.496 stuks geslagen waarschijnlijk nog van 1753.

Bij deze munten valt het op dat de letter U als U geschreven wordt en niet meer als V. Verder begint de afkorting IMP niet met een I maar met een J.


Noten:

1: Mededeling van de heer Pieter Cramwinckel bron: Regestenlijst Huis Bergh, regest 3097 Wilhelm, graaf zu dem Bergh etc., verklaart met zijn muntmeester Wilhelm Senger wegens den sleeschat afgerekend te hebben over den muntslag van 2 November 1565 tot 1 Juli 1566, in welk tijdvak de muntmeester 37225 marken geslagen heeft. Im funffzehenhundert sieben und sechsichsten jare am zehendten Septembris. Minuut (Inv. no. 1622). Datering: 1567 September 10. Vindplaats: Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers zie ook Toegang 0214, Inv.nr. 1622 .